Wat is een belastingparadijs?
De term ‘belastingparadijs’ ontbreekt een duidelijke definitie, en het gebruik van het woord is vaak controversieel en omstreden. De objectieve doelstellingen van een belastingregime of financiële regulaties van een land, heeft tegenwoordig weinig te maken met de kwalificatie als ‘belastingparadijs. Hierbij zijn de reputatie van een bepaald land en de motieven van de oordeler, zoals een hoogbelasting land, vaak van groter belang.
Historisch gezien was de kwalificatie als belastingparadijs vaak het gevolg van onbedoelde consequenties van mazen in het ondernemingsrecht of fiscaal recht. Vanaf de jaren tachtig begonnen met name kleine eilanden het resultaat van gevestigde belastingparadijzen bewust te kopiëren als onderdeel van de ontwikkelingsstrategie van het land. In vele gevallen werd deze ontwikkelingsstrategie geadviseerd door de voormalige koloniale machtshebbers en ontwikkelingsagentschappen.
De oudste belastingparadijzen zijn gelegen in Europa, deze landen zijn overgebleven uit een vorig tijdperk en bestaan vaak in associatie met een groter buurland, zoals Gibraltar, Eiland Man, Monaco, Andorra, San Marino en Liechtenstein.
Het ontstaan van de status van belastingparadijs is door deze landen niet bewust opgezocht. Deze is simpelweg ontstaan doordat de omringende landen uitvoerige wetgeving en hoge belastingtarieven in het leven riepen. Hierdoor werden deze landen als het ware vanzelf als belastingparadijs gelanceerd, doordat zij weigerde om deze tarieven en regulaties in te voeren.
Gedurende deze tijd werd Zwitserland vaak gebruikt als veilige haven voor de opbrengsten die in de Europese ‘belastingparadijzen’ werden behaald.
Ontstaan van zwarte lijsten
Geen twee lijsten van belastingparadijzen zien er hetzelfde uit. De hoeveelheid vermeldde belastingparadijzen kan variëren van drie tot bijna 100 jurisdicties. In de meeste gevallen is een duidelijke overlapping wel degelijk zichtbaar, dit betreffen voornamelijk kleinere eilanden gelegen in de Carribean of de Zuidelijke Pacific Oceaan.
Omdat het lastig is om te bepalen welk land als belastingparadijs gekwalificeerd kan worden wordt er door nationale overheden steeds meer vertrouwd op zwarte lijsten die worden gepubliceerd door internationale organisaties zoals de OECD en FTAF.
De OECD voert sinds de jaren tachtig een strijd tegen schadelijke belastingconcurrentie, waar de FTAF voornamelijk gericht is op anti-witwasmaatregelen en het streven naar meer transparantie, bijvoorbeeld door informatie-uitwisseling door landen onderling.
De FTAF lijst bevat momenteel geen enkele belastingparadijs meer. De OECD heeft enkele maanden geleden onder druk van de G20 een overzicht gepubliceerd van ‘belastingparadijzen’ en landen die zich in het grijze gebied bevinden. Momenteel bevat ook de OECD lijst geen ‘belastingparadijzen’ meer, en wekelijks verdwijnen er landen van de grijze lijst omdat zij de wetgeving op uitwisseling van informatie aanpassen of informatie-uitwisselingsverdragen sluiten.
Maatregelen tegen belastingparadijzen
De vermelding als belastingparadijs in de lijst van belastingparadijzen juni 2000 of de lijst van ‘uncooperative’ belastingparadijzen in 2002 creëerde geen enkele internationale of nationale verplichting. Echter in praktijk werden deze zwarte lijsten herproduceert en opgenomen in de nationale wetgeving van verscheidene OECD leden. Vele landen hadden al maatregelen in te leven geroepen tegen het gebruik van belastingparadijzen.
Nationale zwarte lijsten van belastingparadijzen kunnen een variatie van maatregelen bevatten. Er kan een meldingsverplichting in het leven worden geroepen voor iedere transactie die wordt verricht naar jurisdicties die op de lijst vermeld staat, of er kunnen bronheffingen op worden gelegd op dergelijke transacties. Aftrekposten kunnen worden geweigerd indien het gaat om een betaling aan een belastingparadijs, en inwoners die verhuizen naar de genoemde landen kunnen in de belastingheffing betrokken blijven, zelfs wanneer alle banden met het geboorteland worden verbroken.
De economische consequenties die worden genomen tegen een belastingparadijs variëren, maar zijn in de meeste gevallen minder ernstig dan de schade dat het imago van het land oploopt.
Het imago van een Belastingparadijs
De kleur van de vlag van een land, de manier waarop een land wordt geportretteerd in films, tijdschriften of toneelstukken, of de eventuele aanwezigheid van palmbomen is voor een verstandige ondernemer niet relevant als het gaat om de keuze voor een bepaalde jurisdictie. Het probleem is dat ‘belastingparadijzen’ zich juist op de kaart spelen door zich bezig te houden met marketingcampagnes gericht op deze irrelevante factoren.
Op de vraag waarom in 2005 al meer dan 700.000 ondernemingen waren geregistreerd in Belize antwoordde een medewerker van het Caribische financiële diensten industrie: “Het is een merk, zoals Coca Cola”. Vaak weten mensen niet waarom ze voor een bepaalde jurisdictie kiezen, het is een bepaald idee dat ze bij een jurisdictie hebben.
Juist dit idee or reputatie van een jurisdictie is waarop landen als de Kaaiman eilanden, Liechtenstein en Jersey zich voornamelijk op richten met hun marketingcampagnes.
De internationale organisaties en de media gebruikt deze marketingstrategie exact andersom. Door middel van negatieve informatie en de publicatie van zwarte lijsten wordt het imago van de betreffende landen beschadigd. Terwijl de informatie evenals als in het eerste geval, vaak irrelevant is voor de aantrekkelijkheid van het ondernemingsklimaat.
Het gebruik van een belastingparadijs in uw belastingstrategie
Ondanks de stappen die reeds tegen belastingparadijzen zijn ondernomen, zijn belastingparadijzen nog uitstekend te gebruiken in uw belastingstrategie.
Nederland en België kennen geen zwarte lijsten (Nederland verscheen zelf in mei op een zwarte lijst van de Verenigde Staten en België op de grijze lijst van de OECD in april), maar kennen wel maatregelen die het gebruik van aantrekkelijke fiscaal klimaten beperkt.
Ondanks deze beperkingen kunnen zelfs kleine en middelgrote ondernemingen op verschillende manieren hun winsten verschuiven naar aantrekkelijke belastingklimaten. Met name binnen Europa zijn er vele mogelijkheden. Het Europees Hof van Justitie oordeelde in 2006 dat het ondernemers vrij staat om gebruik te maken van een laag belastingtarief in een ander EU-lidstaat, ook al is belastingontwijking het enige motief van de ondernemer.
Door de uitspraak van het Europees Hof van Justitie, welke is gebaseerd op het vrijheid van vestigingsbeginsel, worden nationale overheden aanzienlijk beperkt in het gebruik van antimisbruikmaatregelen, zoals het fraus legis-beginsel, bij het verschuiven van activiteiten naar ‘belastingparadijzen’.





